Keuzekaart GF8

Op de afdeling GF8 werken we met een keuzekaart als onderdeel van de proef Samen zorgen. Op deze keuzekaart staan verschillende handelingen waarbij uw naaste u kan ondersteunen tijdens de opname. Denk bijvoorbeeld aan hulp bij eten en drinken, bewegen of aanwezig zijn bij gesprekken met uw zorgverleners.

Samen met u, uw naaste en het zorgteam bekijken we welke ondersteuning het beste past bij uw situatie. U houdt daarbij altijd de regie: u bepaalt wat u wel of niet prettig vindt. Zo zorgen we samen voor zorg die aansluit bij uw wensen en dagelijks leven. Hieronder vindt u meer informatie over de verschillende onderdelen op de keuzekaart.

Keuzekaart GF8

Bewegen

Rondje lopen / bewegen

  • Bewegen helpt bij het herstel van uw naaste. Kleine stapjes maken al een groot verschil.
  • Stimuleer uw naaste om af en toe een stukje te lopen of te bewegen, als dat mogelijk is.
  • Zorg voor stevige schoenen of sokken met grip, zodat uw naaste veilig kan bewegen.
  • Heeft uw naaste een infuus of katheter? Overleg even met de verpleegkundige wat mogelijk is.
  • Is opstaan of lopen lastig? Vraag gerust om hulp – we kijken graag met u mee.
  • Zorg voor een veilige omgeving zonder obstakels.
  • Hulpmiddelen van thuis (zoals een rollator) kunnen prettig zijn om te gebruiken.
  • Wilt u samen oefeningen doen? Overleg met de verpleegkundige wat passend is.
  • Via deze link kunt u meer informatie vinden over ademhalingsoefeningen.

Helpen bij oefeningen fysiotherapie – logopedie – ergotherapie

  • Krijgt uw naaste fysiotherapie, logopedie of ergotherapie? Dan kunt u vaak ook helpen.
  • Vraag welke oefeningen u samen kunt doen.
  • De behandelaar legt u graag uit wat u kunt doen en waar u op kunt letten.

Eten en drinken

Ondersteunen bij eten en drinken

  • Samen eten en drinken kan een fijn moment zijn.
  • Zorg dat uw naaste goed rechtop zit om verslikken te voorkomen.
  • Heeft uw naaste moeite met kauwen of slikken? Snijd het eten in kleine stukjes.
  • Twijfelt u? Vraag gerust advies aan de verpleegkundige.
  • Geef rustig hap voor hap en slok voor slok. Een rietje kan soms helpen.
  • Een handdoek kan handig zijn om knoeien op te vangen.
  • Soms is het belangrijk om bij te houden wat er gegeten en gedronken wordt – spreek dit af met de verpleegkundige.

Afwas opruimen

  • Zet gebruikte borden, glazen en bestek op het dienblad.
  • De voedingsassistent haalt dit vanzelf weer op.

Dagstructuur

Houvast en rust

  • Een herkenbaar dagritme geeft vaak rust.
  • Help uw naaste om een dag- en nachtritme aan te houden.
  • Sluit zoveel mogelijk aan bij het ritme dat uw naaste gewend is.
  • Tips van de verpleegkundige of fysiotherapeut kunnen hierbij helpen.
  • Wilt u even van de afdeling af met uw naaste? Overleg dit vooraf even.

Kamer opruimen

  • Een nette, opgeruimde kamer geeft rust.
  • Zet gebruikte kopjes en borden op het aanrecht, zodat ze opgehaald kunnen worden.

Dagelijkse verzorging

Zorg voor bril en gehoorapparaat

  • Maak de bril schoon zoals uw naaste dat gewend is.
  • Controleer of het gehoorapparaat goed werkt of opgeladen is.

Tanden poetsen

  • Lukt het niet om uit bed te komen? Gebruik dan een bekertje water, een bekkentje en een handdoek.
  • Een kunstgebit kunt u schoonspoelen met lauw water.
  • Eventueel kunt u wat zeep uit de dispenser gebruiken (liever geen tandpasta om beschadiging te voorkomen).

Haar en nagels

  • Verzorg haren en nagels zoals thuis.
  • Eigen spullen van thuis kunnen hierbij prettig zijn.

Scheren

  • Scheer uw naaste zoals hij of zij gewend is, met eigen spullen van thuis.

Toiletbezoek

  • Gebruikt uw naaste incontinentiemateriaal? Trek handschoenen aan en gooi dit na gebruik weg.
  • Lukt staan niet? Vraag uw naaste voorzichtig te draaien of de heupen iets op te tillen. Een po of urinaal kan helpen – wij denken graag met u mee.
  • Kan uw naaste wel staan? Een postoel naast het bed kan een oplossing zijn.
  • Gebruik kant-en-klare washandjes voor het schoonmaken en gooi deze daarna weg.
  • Soms is het nodig om bij te houden hoe vaak iemand naar het toilet gaat – stem dit af met de verpleegkundige.

Wassen en douchen

  • Begin met de schone delen van het lichaam en werk daarna naar de minder schone delen toe.
  • Bij kant-en-klare washandjes is afdrogen niet nodig.
  • Lukt haren wassen onder de douche niet? Dan kunnen shampoo caps helpen.
  • Heeft uw naaste een infuus? Vraag ons hoe u dit veilig kunt beschermen.
  • Zorg voor goed schoeisel tijdens het douchen om uitglijden te voorkomen.
  • Gebruik schone materialen en gooi gebruikte spullen op de juiste plek weg.
  • Droog de huid goed af, vooral in huidplooien.
  • Help uw naaste zo nodig met aankleden – begin bij het bovenlichaam voor warmte.

Bed verschonen

  • Is het beddengoed vuil? Draag dan handschoenen en desinfecteer uw handen na afloop.
  • Trek het laken glad om kreukels en ongemak te voorkomen.
  • Twijfelt u hoe vaak het nodig is? Overleg met de verpleegkundige.

Steunkousen

  • Zorg dat de kousen goed glad zitten zonder plooien.
  • Controleer dagelijks de huid op plekjes of roodheid.
  • Steunkousen mogen ’s nachts en tijdens het douchen uit, maar niet te lang.
  • Smeer de benen pas in als de kousen uit zijn.
  • Hulpmiddelen van thuis kunnen het aantrekken makkelijker maken.

Zorgondersteuning

Medicatie

U kunt helpen bij het innemen van medicatie, als alles duidelijk is:

  • Voor wie het medicijn is
  • Hoeveel er ingenomen moet worden
  • Wanneer het ingenomen moet worden
  • Laat uw naaste de medicatie zittend en met water innemen. Volg altijd de aanwijzingen van de verpleegkundige.

Verpleegkundige handelingen

Sommige handelingen kunt u samen aanleren.

  • De instructieverpleegkundige begeleidt u hierbij rustig en stap voor stap.
  • Zo kunt u met vertrouwen helpen in de zorg voor uw naaste.

Communicatie

De arts/verpleegkundig specialist of Physician Assistant komt bij de patiënten langs voor de artsen-visite. Hierbij gelden de volgende afspraken: 

  • U bent van harte welkom om hierbij aanwezig te zijn, als uw naaste daarvoor toestemming geeft. Uw naaste bepaalt wie er bij het gesprek aanwezig is en wie de informatie hoort.
  • Vaak bent u het aanspreekpunt voor andere familieleden of naasten. U kunt hen, als dat nodig is, op de hoogte houden van wat er besproken is.
  • De artsenvisite is meestal een kort evaluatiemoment. Heeft u behoefte aan meer tijd of een uitgebreider gesprek? Laat het gerust weten, dan plannen we daar samen een passend moment voor.
  • Soms kan het nodig zijn om u te vragen even buiten de kamer te wachten, bijvoorbeeld vanwege de privacy van andere patiënten of een onderzoek. We vragen hiervoor uw begrip.

Taal en begrip

  • Vertaal-apps kunnen helpen bij de communicatie.
  • Ook familie of bekenden kunnen ondersteunen bij het vertalen.