Hoge en lage glucosewaarden

De bloedsuikerwaardes kunnen vaak veranderen. Je bloedglucose kan vaak veranderen. Dat kan komen door eten en drinken, bewegen, stress, emoties of doordat je ziek bent, zoals bij griep.
Een hoge bloedsuiker noemen we een hyper, eenlage boedsuikernoemen we een hypo.

Hoge en lage glucosewaarden

Hyper - hoge bloedsuiker

Is je bloedglucose hoger dan 10 mmol/l? Dan heb je een hyper.

Een hyper af en toe is niet erg.
Heb je vaak een hyper? Dan moet je behandeling misschien worden aangepast.
Op de lange termijn kan een hoge bloedglucose schade geven aan je lichaam. Je arts en diabetesverpleegkundige kunnen je helpen bij het bepalen van de juiste behandeling.

Hoe merk je een hyper?

Je kunt last krijgen van:

  • Veel dorst hebben en veel drinken
  • Vaak moeten plassen
  • Moe zijn
  • Snel boos of prikkelbaar zijn

Wat kun je doen bij een hyper?

  • Drink veel water of thee zonder suiker
  • Beweeg extra, bijvoorbeeld een stukje wandelen

Zo help je je lichaam om de suiker kwijt te raken.

Ga op zoek naar de oorzaak van de hyper´s. Soms is hiervoor extra onderzoek nodig. Neem hiervoor contact op met uw huisarts.

Gebruik je insuline?

Dan heb je vaak extra insuline nodig bij een hoge bloedglucose.
Hoeveel dat is, leer je van je diabetesverpleegkundige.

Hypo- lage bloedsuiker

Gebruik je medicijnen die je bloedglucose verlagen? Dan kun je een hypo krijgen.
Een hypo betekent dat je bloedglucose lager is dan 3,5 mmol/l.

Hypo’s komen vaker voor als je insuline gebruikt, maar ze kunnen ook ontstaan door sommige tabletten.

Waardoor kan een hypo komen?
Een hypo kan ontstaan door:

  • Anders of onregelmatig eten
  • Veel bewegen of sporten
  • Alcohol drinken
  • Andere medicijnen gebruiken
  • Te veel insuline spuiten
  • Verkeerde instellingen van je insulinepomp
  • Medicijnen die te sterk werken
  • Ziek zijn
  • Stress

Wat doe je bij een hypo?
Meet eerst je bloedglucose.
Is deze 3,5 mmol/l of lager? Doe dan dit:

  1. Neem 5 tot 6 dextro-tabletten,
    of 1 glas limonade (1/3 siroop en 2/3 water),
    of 1 zakje Hypofit.
    → Eet nog niets.
  2. Ga rustig zitten.
  3. Meet na 20 minuten opnieuw je bloedglucose.
  4. Is de waarde nog te laag? Herhaal stap 1.
  5. Duurt het nog langer dan een uur voordat je gaat eten?
    Neem dan iets met langzaam werkende koolhydraten, zoals een boterham of een koekje.

Belangrijk
Soms merk je een hypo niet meteen. Vertel daarom aan mensen om je heen dat je diabetes hebt, zoals familie, vrienden en collega’s.
Zij kunnen je helpen met dextro of limonade.

Kun je niet meer eten of drinken? Bel dan 112.

Glucagon

Glucagon is een hormoon dat de bloedglucose laat stijgen.
Het werkt tegenovergesteld aan insuline.

Bij een ernstige hypo kan glucagon als medicijn worden gegeven.
Dit kan via een injectie of een neusspray (Baqsimi®).
Dit wordt gebruikt als iemand zelf niet kan eten of drinken.

Wat te doen na gebruik van glucagon of Baqsimi?

  1. Blijf rustig en let goed op.
  2. Wacht 15 minuten.
  3. Meet daarna de bloedglucose.
    • Is de bloedglucose nog steeds lager dan 3,5 mmol/l en is de persoon niet bij bewustzijn?  Bel 112.
  4. Is de persoon weer wakker en kan hij of zij eten of drinken? Geef dan eerst:
    • snel werkende koolhydraten (zoals dextro of limonade), daarna:
    • langzaam werkende koolhydraten (zoals een boterham)
  5. Blijf controleren of de persoon goed wakker en alert blijft.

Wat niet te doen

  • Geef geen eten of drinken als iemand niet bij bewustzijn is.
  • Raak niet in paniek. Het kan even duren voordat het werkt.