Zwanger met diabetes type 1 of 2

Vrouwen met diabetes (suikerziekte) kunnen zeker zwanger worden en gezonde kinderen krijgen. Echter, bij deze zwangerschap zijn er meer risico’s voor zowel de moeder als het kind.

Bij een zwangerschap met diabetes is er extra zorg nodig. U moet op meer zaken letten en de risico's zijn groter. Daarom is het essentieel om zowel moeder als kind goed te begeleiden tijdens de zwangerschap en bevalling.

Zwanger met diabetes type 1 of 2

Voorbereiding voor zwangerschap

Het is belangrijk om al vóór de zwangerschap goed op uw bloedglucose te letten, het liefst al zes maanden van tevoren. U kunt dit bespreken met uw arts en diabetesverpleegkundige. Dit is van groot belang, omdat vanaf het moment van bevruchting de belangrijke organen van het embryo worden gevormd. In deze vroege fase is het mogelijk dat u nog niet weet dat u zwanger bent en te hoge bloedglucosewaarden kunnen dan schadelijk zijn voor zowel moeder als baby.

Regelmatige controles tijdens de zwangerschap

Gedurende de zwangerschap worden er verschillende controles uitgevoerd:

  • Uw ogen worden vaker gecontroleerd door een oogarts.
  • Het HbA1c-gehalte in uw bloed wordt regelmatig gemeten, wat een gemiddelde weergave is van de bloedglucosespiegel in de voorgaande weken.
  • Bij diabetes type 1 wordt ook de werking van de schildklier en nieren gecontroleerd via bloedonderzoek.
  • Zwangere vrouwen met diabetes worden onder de zorg van een gynaecoloog geplaatst, die extra aandacht besteedt aan de groei van uw baby. Tussen de 18e en 20e week krijgt u een uitgebreide echo om mogelijke afwijkingen te detecteren die vaker voorkomen bij kinderen van moeders met diabetes.
  • Wekelijks contact met de Diabetesverpleegkundige voor advies bij uw diabetesregulatie
  • Maandelijks gezamenlijk overleg van de internist, diabetesverpleegkundige en de gynaecoloog

Behandeling van diabetes tijdens de zwangerschap

Vrouwen met diabetes type 1 gebruiken altijd insuline, terwijl vrouwen met diabetes type 2 vaak voor de zwangerschap al beginnen met insuline. Gedurende de zwangerschap kan uw insulinebehoefte variëren. In de eerste drie maanden heeft u vaak minder insuline nodig, maar later in de zwangerschap neemt de behoefte toe doordat het lichaam minder gevoelig wordt voor insuline. Het is normaal dat de insulinebehoefte tegen het einde van de zwangerschap twee tot drie keer zo hoog is als voor de zwangerschap. Dit betekent dat u vaker uw bloedglucose moet meten, zowel voor als na de maaltijden.

Hulpmiddelen voor het beheer van bloedglucose

Door de schommelingen in uw bloedglucosespiegel tijdens de zwangerschap, kan het handig zijn om een continue glucosemeter of realtime glucosemeter te gebruiken. Insuline kan worden toegediend met een insulinepen of via een insulinepomp, afhankelijk van wat het beste voor u werkt.

Meer informatie

Voor gedetailleerdere informatie over diabetes en zwangerschap, kunt u de zorgwijzer van de Diabetes Vereniging raadplegen.