Effect van verschillende sporten op de bloedsuiker

Als u beweegt, verbruikt uw lichaam meer energie. Uw spieren gebruiken dan extra glucose, die ze direct uit het bloed halen. Daar is weinig tot geen insuline voor nodig. Tijdens het sporten stroomt het bloed sneller door het lichaam. Daardoor wordt insuline die u kort daarvoor hebt toegediend sneller opgenomen. Insuline werkt dus sneller en sterker tijdens het sporten.

Het effect van sport op de bloedsuiker verschilt per persoon en per moment. Ook de soort sport en hoe lang u bezig bent spelen een rol. Sporten met type 1 diabetes is daarom vaak uitproberen. Wat de ene keer goed werkt, kan de volgende keer anders uitpakken.

Effect van verschillende sporten op de bloedsuiker

De invloed van sport op je bloedglucose hangt af van het soort sport:

  • Duursport (aerobe sport)
    U sport langere tijd en niet heel zwaar. Bijvoorbeeld wandelen, hardlopen, fietsen, zwemmen of schaatsen > Vaak daalt de bloedglucose.
  • Gemengde sport
    Een combinatie van duur- en krachtsport, met afwisselend zware en minder zware inspanning. Bijvoorbeeld teamsporten zoals voetbal, basketbal en volleybal >  De bloedglucose kan dalen of stijgen, afhankelijk van de intensiteit.
  • Krachtsport (anaerobe sport)
    Korte, zware inspanning, zoals sprinten of krachttraining > De bloedglucose stijgt vaak.

Bij duursport daalt de bloedglucose meestal. Gemiddeld heeft u dan 20 tot 80% minder insuline nodig. Koolhydraten worden sneller verbrand en insuline wordt sneller opgenomen. Dit effect kan tot 24 uur na het sporten aanhouden. Let daarom ook na het sprorten goed op hypo's.